Login
 
 

Nieuws

openingstijden

lees verder



Kijk voor meer informatie over Zwolle op:
U bevindt zich hier: Basiliek > Interieur

Interieur

Rondleiding in de basiliek.

Vanaf 7 plekken in de kerk gezien bekijken we het neogotisch interieur.


 
1. Doopvont – Biechtstoel 1 - Schilderij Thomas op de Nemelerberg – Michaëlbeeld

 DOOPVONT - Het sacrament van de Doop (door onderdompeling of begieting) betekent binnengaan in de Christelijke gemeenschap, die Kerk genoemd wordt. Het doopwater wordt gewijd in de heilige Paasnacht en in de vont gegoten. Om het doopwater schoon te houden is de vont afgesloten met een deksel.
Daarop zijn de vier Paradijsstromen gegraveerd: ‘Eufphraat – Phison – Gehon – Tigris’
Ontwerp doopvont: Friedrich Wilhelm Mengelberg 1871; uitvoering ontwerp vont: Pisa en deksel: Gerard Brom, Utrecht 1872.

Bij de ingang van de basiliek bevinden zich ook wijwaterbakken. Met wijwater bekruist de kerkganger zich, ten teken, dat hij/zij zich van het stof van het alledaagse leven ontdoet om Christus toegewijd te zijn.

BIECHTSTOEL - Ook het sacrament van boete en verzoening (de biecht) is een hulpmiddel om in de kerk (en daar niet alleen) eerlijk tegenover God en de mensen te staan.
Het sacrament herstelt de gebroken relaties.
F.W. Mengelberg, Utrecht, maakte de twee biechtstoelen in 1872.

SCHILDERIJ - Thomas a Kempis op de Nemelerberg bij Zwolle; 1654, anoniem op doek (Nadere uitleg is bij het schilderij te vinden).

APOSTELKRUISEN - Het kerkgebouw is symbool van de levende kerkgemeenschap: ‘Nadert tot Hem, de levende steen (Jezus, de hoeksteen, die de geestelijke tempel van ons godsdienstig leven schraagt) door de mensen verworpen, maar uitverkoren en kostbaar bij God (I Petrus 2, 4-5)’.
Dat onze Kerk bijeengehouden wordt door de gelovige getuigenis van de Apostelen (het Tweede ofwel het Nieuwe Testament) en hun opvolgers (de bisschoppen), daarvan getuigen de 12 kruisen op de muur.

ST. MICHAËL - Schutspatroon van Zwolle. Het beeld werd in 1615 vervaardigd door Frerick Reynerse voor de in 1828
afgebroken Diezerpoort. Sinds 1993 is het beeld in de Onze Lieve Vrouwebasiliek geplaatst.

 

2. Mariabeeld – Zilveren Mariabeeld – Kruiswegstaties- Maria-altaar – Mariabeeld wand

MADONNA - Afkomstig uit de omgeving van Kleef en daterend uit het eind van de 15de eeuw. Mogelijk heeft dit beeld voor de reformatie in de Grote of St. Michaëlskerk aan de Grote Markt gestaan of in het Scriptorium van het Fraterhuis.

MARIA MET KIND, als leraar op haar schoot. ‘Sedes Sapientiae’ (zetel der wijsheid) is een aanroeping uit de Maria-litanie.
Het beeld is in opdracht van de Zwolse Broederschap van Kevelaer ontworpen door F.W. Mengelberg en gemaakt door de edelsmid Franz Xaver Hellner uit Kempen (Duitsland) in 1886.

KRUISWEG - De 14 Kruiswegstaties, in beide transepten, geschilderd
STATIES door Johann Lange uit Aken van 1884-1890, laten Jezus’ lijdensweg zien vanaf zijn veroordeling tot zijn graflegging.

MUURSCHILDERING PROFETEN - Boven het Maria-altaar,de grote profeten en boven het
Jozefaltaar de kleine profeten, geschilderd naar ontwerp van F.W. Mengelberg door Johann Lange uit Aken in 1883.

MARIA-ALTAAR - Vervaardigd door F.W. Mengelberg te Utrecht en Keulen in 1872.
Links van het Mariabeeld: Joachim en Anna, de ouders van Maria (buiten) en de aankondiging aan Maria door de aartsengel Gabriël van Christus’ geboorte (binnen).
Rechts: Christus’ geboorte (binnen); de abdis Walburga en Maria Magdalena (buiten)
Worden de luiken gesloten, dan komen afbeeldingen van vrouwen uit het Oude Testament te voorschijn.

MARIABEELD - Onbevlekte Ontvangenis van Maria, dat betekent geboren zonder erfzonde; vervaardigd in steen en gepolychromeerd door F.W. Mengelberg in 1880. 

 

3. Koor met Calvariegroep en Apostelbalk – Kerkvaders – Ciboriealtaar – Gewelf

APOSTELBALK - De apostelbalk is een overblijfsel van een vroegere bouwwijze in kloosterkerken, waarbij een overdekte doorgang (oksaal met soms daarop een orgel) kerk en koor scheidde. Aan de voorzijde van de balk zijn de twaalf apostelen afgebeeld. Aan de achterzijde van de balk staat de test: ‘Absit gloriari nisi in Cruce Domini Nostri Jesu Christi. (Ik kan alleen roemen op het Kruis van onze Heer Jezus Christus, Galaten 6, 14)’.

CALVARIEGROEP - Op de apostelbalk staat aan de rechterhand van de gekruisigde Christus zijn Moeder Maria en aan de linkerhand de apostel Johannes. F.W. Mengelberg vervaardigde deze beeldgroep in de jaren 1878 en 1879.

GEWELF van Serafijnen (rood) en cherubijnen (blauw) zijn engelen

HET KOOR met zes vleugels. Gerard Jansen uit Zevenaar schilderde deze engelen in het gewelf van de Sacramentskapel in 1881-1882.

KERKVADERS - Beelden van de vier grote westerse kerkvaders: Hiëronymus (a), Gregorius de Grote (b), Ambrosius (c) en Augustinus (d); gemaakt door F.W. Mengelberg in 1886 en gepolychromeerd door Gerard Jansen uit Zevenaar in 1887.

CIBORIE-ALTAAR - Vervaardigd in 1872-1874 door F.W. Mengelberg in Utrecht en Keulen. Tot de vernieuwing van de liturgie t.g.v. het Tweede Vaticaans Concilie was dit altaar het hoofdaltaar van de Onze Lieve Vrouwebasiliek.
Aan de voorzijde van de tombe zijn drie reliëfs aangebracht.
♦-links: het offer van Melchisedech;
♦-midden: Mozes met de bronzen slang;
♦-rechts: het offer van Abraham, dat niet door ging.

Aan de zuilenbundels van het baldakijn zijn vier heiligen afgebeeld.
♦Links zijkant: Maria Magdalena met zalfpot en kruis;
♦links voorkant: Antonius met het Kind Jezus;
♦rechts voorkant: Johanna van Chuzas met zalfpot;
♦rechts zijkant:Lebuinus in misgewaad met kruis en evangelieboek.

 
4. Arma Christi – Hoofdaltaar - Eretekens - Kandelaars

GEWELF BOVEN HOOFDALTAAR - Acht engelen dragen de voorwerpen die samenhangen met het lijden en sterven van Christus, zoals lijdenskelk, geselkolom, kraaiende haan, zweetdoek van Veronica, spons op hysopstengel, doornenkroon met nagelen, de lans en het kruis (Arma Christi). Johann Lange uit Aken bracht de gewelfschilderingen aan in 1881-1882.

HOOFDALTAAR - staat onder kruising van de transepten, koor en schip. Het wit marmeren altaar is op 7 november 1981, op het feest van St. Willibrord, door Johannes kardinaal Willebrands ingezegend samen met de apostelkruizen. Hierdoor heeft de kerk de status van parochiekerk. 

ERETEKENS - Aan de basiliekstatus zijn twee eretekens verbonden. Links: het conopeum, een half geopende parasol, bestaande uit acht segmenten, afwisselend rode en gele banen, met daaraan volants met zeven wapens en de datum van de verheffing tot basiliek (18-10-1999).
Rechts: het tintinnabulum, op een draagstok een beeltenis van de madonna van Kevelaer met daar omheen een verzilverde boog met belletjes.
(Nadere informatie: Verum, Pulchrum et Bonum 2 / Henk Bach en Tom Waterreus; en Tien vragen over de basiliek / Ton Hendrikman).

KOORBANK EN SEDILIA - Koorbank (1876) en Sedilia (1886) zijn beide  houtsnijwerk van F.W. Mengelberg.

KANDELAREN - Twee zesarmige luchters; vervaardigd naar een ontwerp van F.W. Mengelberg door edelsmid Gerard Brom, Utrecht in 1877.

  

5. Zuidertransept met Jozefaltaar, H.Hartbeeld,  – Koororgel - Maquette

RAMEN IN KOOR - De gebrandschilderde ramen in het koor en de transepten
zijn alle vervaardigd door het glasatelier Hertel - Lersch in Düsseldorf in 1905-1906. 

JEZUSBEELD - Heilig Hart van Jezus; gepolychromeerd steen gemaakt door F.W. Mengelberg in 1880.

JOZEFALTAAR - Vervaardigd door F.W. Mengelberg in 1874. Jozef is afgebeeld als de hoeder van het schip der Kerk.
Links van het Jozefbeeld: de droom van Jozef (buiten)
en ‘Omdat er geen plaats was in de herberg’(binnen).
Rechts: de vlucht naar Egypte (binnen) en de heilige Familie met Jozef als timmerman (buiten).
Worden de luiken gesloten, dan ziet men afbeeldingen van de beschermheiligen van de schenkers. 

KOORORGEL - Gebouwd door de firma Kaat en Tijhuis, Kampen 1986.

MONUMENT - Maquette van monument ter nagedachtenis aan Thomas a Kempis vervaardigd uit hout en gips door het atelier van Bernoît van Uytvanck (1857-1927) te Leuven voor de voormalige Michaëlkerk in de Nieuwstraat. Dit monument werd niet geplaatst. Geplaatst werd het ontwerp van Atelier Mengelberg Utrecht.

 
6. Zuidwand schip: Fransiscus – Willibrord – Schilderij Maagschap – Biechtstoel 2.

FRANCISCUS - Beeld van Arnt van Zwolle uit 1547, dat een afbeelding geeft van de stigmata (kruisigingwonden) van Franciscus 

WILLIBRORDUS - Beeld uit de 18de eeuw in neoclassicistische stijl van de patroonheilige van het aartsbisdom Utrecht. 

SCHILDERIJ - De maagschap (familie) van Maria. 


7. Orgel – wapen – schrijn –Maria-altaar2 

   

ORGEL - Orgel met 38 klinkende stemmen verdeeld over drie klavieren en pedaal. In 1896 door Michaël Maarschalkerweerd uit Utrecht gebouwd, geplaatst in een orgelkas uit 1697. De orgelkas is oorspronkelijk gebouwd voor een orgel van Nicolaus Brunswick in de Observanterkirche. Deze kloosterkerk werd in de Franse Tijd gesloten.
Het wapenschild is van de familie Heerkens. Samen met zijn moeder Anna Cornelia Heerkens- Van Sonsbeeck schonk Theodoor Heerkens, destijds kerkmeester, het gehele instrument.

WAPEN – Het wapen is opgebouwd uit drie velden en banderol.
Het bovenste deel is het algemene gedeelte van een gekruist tintinnabulum en conopeum.
Het linker onderkwadrant geeft de lelie boven de golf van de ijssel.
De lelie staat voor Maria. Het rechter onderkwadrant is het wapen van Zwolle.
De banderol met de tekst: ’Regnum Dei intra vos est’ (Het Rijk Gods is in uw binnenste) is de eerste regel uit het 2e traktaat van ’De Navolging van Christus’ van Thomas a Kempis


SCHRIJN - van Thomas a Kempis, gebouwd door Hermannus van Arnhem in 1674. Na zijn dood werd Thomas begraven in de kloostergang van het Agnietenklooster waar hij het grootste deel van zijn leven doorgebracht had. Toen de Bisschoppen van Keulen en Münster tussen 1672 en 1674 de stad bezetten, liet pastoor Arnoldus Waeyer het gebeente van Thomas opgraven uit de inmiddels lang gesloten kloosterkerk. Waeyer had het goed voorzien, want er is vele malen gevraagd om delen van het gebeente. Het is ook niet gelukt om het gebeente in zijn geheel in Zwolle te houden.
De schedel en enkele ledematen zijn in ieder geval in de schrijn aanwezig.

MARIA-ALTAAR - Altaar van Onze Lieve Vrouw van Smarten met piëta van F.W. Mengelberg uit 1908.


Het interieur anno 2010. 
In het oog springen het ciboriealtaar, de calvariegroep
met apostelbalk en de engelen in het plafond (Arma Christi).

Neogotiek

Toen in 1866 Mgr. O.A.Spitzen werd aangesteld als pastoor van de Onze Lieve Vrouwe parochie, was de laat gotische kerk aangekleed met een neo-classisistisch interieur. Spitzen maakte snel plannen om dit interieur te vervangen door een in die tijd in de mode gekomen neogotisch interieur. Als eerste werden processiegangen aan het schip van de kerk aangebouwd ter breedte van de transepten.


Mgr.O.A.Spitzen

Het Bernulphus gilde, zoals de Utrechtse bouwstijl zich noemde werd uitgenodigd om het interieur te ontwerpen. Friedrich Mengelberg was de belangrijkste schakel daarbij. De altaren, wandschilderingen, gewelfschilderingen en beelden zijn uit zijn atelier. Het koperwerk werd gemaakt door Gerard Brom, de (oorspronkelijke) ramen door Heinrich Geuer. Het geheel werd uitgevoerd tussen 1870 en 1890. De ramen waren helaas van mindere kwaliteit en werden in 1905 al vervangen door de huidige ramen uit het atelier Hertel&Lersch te Düsseldorf.

De bouwkundige staat van de kerk was dusdanig in 1975 dat werd besloten de kerk grondig te restaureren. De Rijksdienst Monumentenzorg was voorstander van het terugrestaureren naar de middeleeuwse situatie, behalve de sacristie en gerfkamer.

De processiegangen werden weer gesloopt en in het schip verdween de neogotiek. Dat zou in koor en transepten ook bijna gebeurd zijn, ware het niet dat de inzichten en opvattingen over neogotiek waren veranderd intussen. Men besloot om deze neogotiek te sparen en de rest van de kerk een bijpassende versiering terug te geven.

vervolg>>


Peperbus | Ossenmarkt 41 8011 MS | Zwolle | Sitemap