Basilica minor
Onze Lieve Vrouw ten Hemelopneming

De Onze Lieve Vrouwe basiliek werd op 18 oktober 1999 tot basilica minor verheven. Op 26 november vierde ze het 600 jarig bestaan als kerkplek.
De kerk heeft een bewogen geschiedenis achter de rug. Van 1591 tot 1811 was ze aan de eredienst onttrokken. Op 4 maart 1809 gaf Lodewijk Napoleon de kerk terug aan de katholieke gemeenschap. Het duurde tot 1811 voordat de vervallen kerk weer geschikt was om in te kerken.
De neogotiek
Het neogotisch interieur werd aangebracht in de periode 1870-1890. Tussen 1976 en 1981 werd het gebouw geheel teruggerestaureerd naar de middeleeuwse omvang. Het neogotische interieur werd in koor en transept(en) bewaard. Jaarlijks bezoeken tienduizenden bezoekers de basiliek en haar toren. Sinds 2006 bevindt zich de schrijn van de beroemde Zwolse monnik Thomas a Kempis in de basiliek.
Op 18 oktober 1999 werd de Onze Lieve Vrouwekerk, onder welke naam de kerk voorheen bekend stond, verheven tot ’basilica minor’, kleine basiliek. ‘Basilica minor’ is een eretitel, die door de paus aan een kerkgebouw wordt verleend, wanneer het voor liturgische vieringen in een diocees een centrale functie heeft, in de kerkgeschiedenis een markante plaats heeft en als gebouw een monument is.
Er zijn 4 grote basilieken, die alle in Rome staan (de St. Pieter, de St. Jan van Lateranen, de Maria Maggiore en de St. Paulus buiten de muren). Ze worden sinds 2006 pauselijke basilieken genoemd. Alle andere basilieken ter wereld zijn basilicae minores.
De basilieken van St. Laurentius in Rome en Sint Fransiscus in Assisië waren oorspronkelijk ook Basilicae majores, maar zijn door paus Benedictus XVI in 2006 gerekend onder de basilicae minores; dan wel met de status van patriarchale basiliek. Ook als zodanig worden aangemerkt de San Antonio in Padua, de Basilica della Casa Santa in Loreto, San Marco in Venetië en de Maria degle Angeli of Portiuncula in Assisië.
.jpg)
Sint Pieter Sint Jan van Lateranen

Maria Maggiore Sint Paulus buiten de muren
Een basiliek voert een wapen en is voorzien van een conopeum en tintinnabulum.
Wapen, conopeum en tintinnabulum.
Het wapen is opgebouwd uit drie velden en banderol.
Het bovenste deel is het algemene gedeelte van een gekruist tintinnabulum en conopeum.
Het linker onderkwadrant geeft de lelie boven de golf van de ijssel.
De lelie staat voor Maria. Het rechter onderkwadrant is het wapen van Zwolle.
De banderol met de tekst: ’Regnum Dei intra vos est’ (Het Rijk Gods is in uw binnenste) is de eerste regel uit het 2e traktaat van ’De Navolging van Christus’ van Thomas a Kempis.
Het conopeum is een half geopende parasol met 8 banen, om en om in de kleur geel en rood, de oude pauselijke kleuren.
Acht wapens geborduurd op de onderste flappen, waaronder het pauselijke wapen, van de aartsbisschop van Utrecht en het wapen van de basiliek.
Het tintinnabulum of de belletjesstaf bevat de afbeelding van Maria van Kevelaer, geflankeerd door 2 belletjes.

